Nee we meanderen niet meer
zeker niet na gisteren
We meanderen niet door bochten
maar slingeren, waarschijnlijk
van het rijkelijk vloeiende spraakwater,
wat natuurlijk ook gewoon alcohol is
De poëzie is dood, en
wij beminnen niet meer,
maar neuken ons te pletter,
krijgen geen vlinders meer
maar zijn gewoon geil
tot in het diepst van onze ziel
Liefhebben, vogelen…
we gooien het overboord en
rampetampen, palen pezen of
poepen zelfs zoals onze zuiderburen dat noemen,
hoewel ik die benaming aan mij voorbij laat gaan.
De poëzie is dood
wat overblijft is het
rauwe, grove, ruwe woeste leven,
en ach….
dat is zo slecht nog niet,
op zijn tijd zelfs erg lekker.

Advertenties